
أصول المذهب المالكي
Methodologie
Hoe de Maliki-school uit de bronnen tot een regel komt
Kennisbank · Geschiedenis · Tijdlijn · Methodologie · Geleerden · Boeken · Begrippen · Veelgestelde vragen
Elke rechtsschool heeft een eigen methode om uit de bronnen tot een regel te komen. Die methode heet usul al-fiqh, de grondslagen van de fiqh. De Maliki-school staat bekend om haar brede en praktische methode: naast de teksten kijkt zij naar de praktijk van Medina, het algemeen belang, het voorkomen van schade en het gebruik in de samenleving. De geleerde Shihab ad-Din al-Qarafi somde in zijn werk Tanqih al-Fusul de bronnen van de school op. Hieronder de belangrijkste, met een voorbeeld.
De overgeleverde bronnen
1. De Koran
De eerste en hoogste bron. De Maliki-geleerden onderscheiden daarbij onder meer de duidelijke tekst (nass), de schijnbare betekenis (zahir) en wat uit de tekst kan worden afgeleid (mafhum).
2. De soenna
De woorden, daden en goedkeuringen van de Profeet. Malik nam ook hadith met een enkele overleveringsketen (khabar al-ahad) aan, maar woog die af tegen de algemene principes en tegen de praktijk van Medina.
3. Consensus (ijma’)
Wat de geleerden van de gemeenschap eenstemmig hebben vastgesteld, is bindend.
4. De praktijk van Medina (‘amal ahl al-Madina)
Dit is het meest kenmerkende principe van de school. Malik redeneerde dat de praktijk van de stad waar de Profeet leefde en waar duizenden metgezellen woonden, een overlevering van een hele gemeenschap is. Die weegt daarom zwaarder dan een hadith die door één persoon is overgeleverd. De geleerden onderscheiden:
- Overgeleverde praktijk (‘amal naqli): zaken die van generatie op generatie zijn gedaan, zoals de woorden van de adhan en de maten die voor de zakat al-fitr werden gebruikt (de sa’ van Medina).
- Praktijk op basis van redenering (‘amal ijtihadi): beslissingen van de geleerden van Medina na de tijd van de Profeet; hierover verschillen de Maliki-geleerden over het gewicht.
Een bekend voorbeeld: Malik overleverde zelf de hadith over het keuzerecht zolang koper en verkoper nog bij elkaar zijn (khiyar al-majlis), maar volgde die niet als regel, omdat hij in Medina geen praktijk zag die daarop gebaseerd was.
5. De uitspraak van een metgezel (qawl as-sahabi)
Een uitspraak van een metgezel waarover geen onenigheid bekend is, geldt in de school als argument.
De redenerende bronnen
6. Analogie (qiyas)
Een nieuw geval krijgt de regel van een bekend geval als beide dezelfde reden (‘illa) delen. Zo vallen alle bedwelmende middelen onder het verbod op wijn, omdat de reden van het verbod de bedwelming is.
7. Het algemeen belang (al-maslaha al-mursala)
Een belang dat de teksten niet uitdrukkelijk noemen, maar dat past bij de doelen van de shari’a: de bescherming van religie, leven, verstand, nageslacht en bezit. De Maliki-school gebruikt dit principe meer dan andere scholen. Voorbeelden uit de tijd van de metgezellen zijn het bundelen van de Koran in één boek en het invoeren van een administratie (diwan) door ‘Umar.
8. Het afsluiten van middelen (sadd adh-dhara’i)
Een toegestane handeling kan worden verboden als zij in de praktijk vaak tot iets verbodens leidt. Daarom verbiedt de school bijvoorbeeld bepaalde constructies van koop en terugkoop die in feite neerkomen op een lening met rente.
9. Voorkeur op grond van een sterkere reden (istihsan)
Afwijken van een algemene regel in een bijzonder geval, omdat een sterker argument of belang dat vraagt. Aan Malik wordt de uitspraak toegeschreven dat istihsan negen tiende van de kennis is.
10. Het gebruik (‘urf en ‘ada)
Waar de teksten ruimte laten, bepaalt het gangbare gebruik wat een regel inhoudt. Denk aan wat als redelijk levensonderhoud (nafaqa) geldt, of hoe een begrip in een contract wordt begrepen. Daarom kan een antwoord in Nederland soms anders uitvallen dan in Marokko, terwijl het principe hetzelfde blijft.
11. Voortzetting van de bestaande toestand (istishab)
Wat vaststaat, blijft gelden totdat het tegendeel bewezen is. Zo geldt water of kleding als rein zolang niet vaststaat dat er onreinheid op is gekomen. Let op: bij twijfel of de wudu’ verbroken is, kent de Maliki-school juist een eigen regel; de bekende opvatting is dat men de wudu’ dan opnieuw verricht.
12. Rekening houden met een andere opvatting (mura’at al-khilaf)
Een bijzonder principe van de school: als iets volgens de eigen school ongeldig is, maar wel geldig volgens een andere erkende opvatting, dan kan de school na het voltrekken rekening houden met die opvatting om grote schade te voorkomen. Een bekend voorbeeld is een huwelijk dat met een gebrek is gesloten: na voltrekking erkent de school bepaalde gevolgen ervan, zoals afstamming en erfrecht.
Hoe wordt een opvatting gekozen?
Binnen de school bestaan vaak meerdere opvattingen. Voor fatwa’s en antwoorden gelden daarom vaste termen:
- al-mashhur: de bekendste en sterkste opvatting, meestal die van Ibn al-Qasim in de Mudawwana.
- ar-rajih: de opvatting die op grond van de bewijzen het sterkst is.
- ma jara bihi al-‘amal: de opvatting waarop de rechtspraak in een bepaalde regio is gaan steunen, zoals in Fes.
De Mukhtasar van Khalil gebruikt vaste formuleringen om aan te geven welke opvatting de voorkeur heeft. Op deze site volgen wij in de regel al-mashhur, en vermelden wij andere opvattingen waar dat voor de lezer van belang is.
Belangrijke werken over de methodologie
- al-Muqaddima van Ibn al-Qassar (397 H)
- Ihkam al-Fusul en al-Ishara van Abu l-Walid al-Baji (474 H)
- Tanqih al-Fusul en al-Furuq van al-Qarafi (684 H)
- Miftah al-Wusul van ash-Sharif at-Tilimsani (771 H)
- al-Muwafaqat van al-Shatibi (790 H), over de doelen van de shari’a
- Maraqi as-Su’ud, een Mauritaans leerdicht over usul al-fiqh
Verder lezen: Geschiedenis, Bekende geleerden en Begrippenlijst.
